In mijn hoofd zit, zoals in ieders hoofd, een wegennetwerk. Op de wegen
rijden vrachtwagens met informatie, alle info die binnen komt via mijn
zintuigen, wordt op vrachtwagens geladen en rond gereden naar de juiste
verkeersregelaar. De informatie wordt verwerkt en samen gevoegd tot
nieuwe informatie (die gil en dat gerolder-bolder, betekent dat er
iemand van de trap is gevallen, aangezien ik de stem herken, weet ik dat
persoon X nu waarschijnlijk onderaan de trap ligt), hieruit trek ik
conclusies en besluit ik over te gaan op actie (laat ik eens gaan
kijken). Een andere verkeersleider stuurt vrachtwagens door mijn lichaam
om het in beweging te krijgen. (Goh been, ga jij eens stappen zetten.)
Toch, er is iets mis! Ergens midden in mijn hoofd, links bovenin om
precies te zijn, is een komeet ingevallen. Hij ligt hier midden op de
weg. Verschillende vrachtwagens moeten omrijden, regelmatig ligt de hele
verkeerssituatie overhoop. De informatie die binnen komt via mijn oren,
kan niet gefilterd worden en alle lawaai, alle ruis wordt meegenomen
naar binnen. Er zijn extra vrachtwagens nodig, want ook het geluid van
de auto die toetert, de trein die langs rijdt, de lach van de mevrouw
aan de andere kant van de straat, het fluitende vogeltje, de ademhaling
van mijn gesprekspartner, alles gaat mee! En daar rijden ze, al die
vrachtwagens. Om de komeet heen, via een ingewikkelde route, naar de
verkeersleider. Het duurt wat langer, het kost meer energie, maar ze
komen aan. De verkeersleider probeert alle informatie te verwerken en er
een mooi verhaal van te maken: gesprekspartner zegt zus, ademt zo, het
vogeltje gaat harder fluiten, de trein is voorbij. Oké, ik kan het niet
volgen. Als er dan ook nog een mevrouw lacht, verderop wordt nog een
gesprek gevoerd, mijn gesprekspartner heeft een irritante tik en ik ga
maar mee in de beweging van die hand die steeds op tafel tikt, er is
achtergrondmuziek, de bank wiebelt, ik word aangestoten, iemand anders
mengt zich in het gesprek, er worden onnodig veel details verteld.. ik
volg het niet meer. Mijn vrachtwagens rijden af en aan, er komt allemaal
informatie binnen, er is geen hoofdlijn, alles is belangrijk en ik raak
verdwaald wanneer ik om de komeet probeer te rijden, of ik sta in de
file, of.. het lukt gewoon niet. Het overvalt me.
Soms hè, dan is er zoveel. Er wordt hier een stadje gebouwd langs de
weg, er rijden vrachtwagens met bouwmaterialen. Het zwembad komt in de
achtertuin van het 14e huis. Andere wagens rijden verder, ik zie van
alles gebeuren. Er worden opeens onverwachte dingen van me gevraagd.
Plotseling komt vriendin X langs, of ik ben mijn boodschappenlijst
vergeten en ergens achter de komeet liggen dingen die nog moeten
gebeuren, maar had ik nou wel of niet eieren nodig? En wat zou ik nog
extra kopen? Wat had ik me ook al weer voorgenomen? Mijn vrachtwagens
kunnen hard rijden en ik ga door tot de laatste druppel benzine, maar
die komeet hè, ik kom er maar niet door heen!
Ik weet niet meer wat er gebeurt. De vrachtwagens staan vast. De
chauffeurs weten de weg niet. Via mijn oren komen nieuwe vrachtwagens
aan rijden. Mijn ogen zien meer dan ik op de wagens kan laden. Via mijn
huid komt een grote wagen die overal overheen rijdt: ik heb het koud, ik
heb het koud, ik heb het koud, ik..! Ik weet niet meer waar ik heen ga.
Ik weet niet meer waar ik vandaan kom. Laat het ophouden! Laat al die
vrachtwagens verdwijnen! Weg met alle onzin en aangezien ik het niet
scheiden kan: weg met alle informatie! Ik storm. Ik storm alles wat er
is, weg uit mij. Ik waai. Laat al die dingen weg blazen. Ik overspoel.
Laat alles, alles wat er van me gevraagd word en alles wat ik zou, laat
het weg stromen. Ga weg. Ga weg allemaal! Weg met je nieuwe lading, weg
met je woorden, weg met je gebaren, weg met je gevoelens.. weg! Ga weg!
Alles weg. Laat het rustig worden. Laat dit een woestijn worden met een
paar lege wegen, met ja, die ene komeet in het midden. Die krijg ik niet
weg. Verder kan ik alles, heel de wereld, iedereen die onderdeel uit
maakt van mijn leven, laten verdwijnen.
En hier blijf ik over. Tussen het puin van een weggewaaid stadje, ergens
naast een grote komeet op een kale vlakte. Alles weg gevaagd. Rust.
Eindelijk tijd voor mezelf. Eindelijk zijn de anderen weg. Eindelijk
wordt er niets meer van me gevraagd. Eindelijk heb ik niets, niets meer
om me heen! Eindelijk mijn eigen dingen. Eindelijk ik alleen. Ik.. bij
nader inzien zonder leven, zonder wat dan ook. Helemaal alleen in een woestijn met naast me een enorme komeet die me vreselijk frustreert!
En ik probeer het weer. Een
nieuwe stad bouwen, met een nieuw zwembad in de tuin van het 14e huis,
met nieuwe vrachtwagens en nieuwe lading. Totdat ik vast loop, ik op
geef, de storm alles weg blaast. En ik besluit de volgende keer een
zwembad te graven in de tuin van het 13e huis.
vrijdag 1 november 2013
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten