vrijdag 1 november 2013

09-01-2010 de berg en het dal

ik rende de berg op. ik rende al jaren. iedereen rende, allemaal naar boven, heel mijn familie doet aan bergbeklimmen, want zeg nou zelf, wie wil er nou niet aan de top komen?

ik dacht wel eens dat ik het zwaarder had, dat mijn rugzak meer woog, dat mijn benen korter waren waardoor ik veel meer stappen moest zetten. ik had het idee dat die anderen zoveel sneller waren, dat hun bergschoenen een beter profiel hadden misschien. maar dat hoef je niet te zeggen.. nee, voor de anderen is de berg net zo stijl. iedereen heeft het er moeilijk mee, allemaal zijn ze met zichzelf bezig, allemaal proberen ze de tocht naar boven vol te houden,. en als ik maar genoeg omhoog kijk, denk ik niet aan de mogelijkheid om te vallen, zelfs niet als ik vlak langs de afgrond loop.en ik liep vlak langs de afgrond en hoe hard ik ook omhoog keek, ik was bang om te vallen.. ik raakte achter en men merkte het niet. ik raakte achter en allemaal keken ze omhoog.

toen.. het zat er al tijden aan te komen en toch geheel onverwacht, viel ik. ze hebben het niet gezien, de anderen, ze lopen verder, ze kijken omhoog. en dat waar ik zo bang voor was, het vallen, was langt zo erg niet. het was ook zomaar voorbij.. het neerkomen was pijnlijk, ik heb beide enkels gebroken. ik had pijn, ik voelde me zo alleen, maar de bloemen spraken tegen me en ik moest opstaan. ik heb mijn rugzak laten liggen. ik ben op mijn knieƫn gaan zitten, ik heb omhoog gekeken. dit is de schaduwzijde van de berg, maar de lucht lijkt zoveel blauwer, de zon lijkt zoveel vrolijker en er zijn zoveel mooie bloempjes hier.


natuurlijk, ik ben alleen. ik wil regelmatig, op mijn blote knietjes de berg op strompelen. ik wil schreeuwen: neem me mee! ik denk aan alles wat ik daarboven had, meer licht, meer vrienden, meer cranberry's en meer kabouters die er in de paddenstoelen wonen. als het regent, komen er enorme stromen van de berg. het voelt alsof ik wegspoel. er leven hier kuddes wilde paarden en als ze langs komen, is het alsof ze me plat zullen trappen. vanachter de berg komt regelmatig een ijskoude wind die me het gevoel geeft dat mijn hersens bevriezen en dat mijn hoofd zal barsten. het is absoluut beangstigend om hier zo te zijn.

maar.. ik heb een blokhut gevonden. ik kan schuilen. ik kan naar binnen gaan wanneer ik paarden zie komen of als de lucht betrekt. ik geniet van de rust en de bloemen. ik hoef niet te rennen, ik hoef niet altijd omhoog te gaan. doe mij maar bezinning, laat mij maar even in mijn hutje. ik probeer niet bang te zijn en als er zo'n koude wind komt.. ach, met mijn ontdooide hersens denk ik al: wat ingevroren is, vergaat niet.

Geen opmerkingen: